Muziek leefde in huize Ferreira, als kind speelde hij vaak ‘luchtgitaar’ met zijn vader. Vanaf zijn vijftiende volgt Bruno lessen klassieke gitaarmuziek in zijn geboorteland Portugal, evenals zijn broer André.
Samen met André vertrekt hij op éénentwintigjarige leeftijd naar Spanje om in Vigo op het conservatorium aldaar, les te krijgen van de bekende gitariste Margarita Escarpa.
‘Van haar heb ik geleerd altijd te zoeken naar het gevoel in de muziek,’ zegt Bruno. Dat wierp zijn vruchten af. Hij won het “Concurso International de guitarra de Leiria” vanwege zijn eigen stijl en passievolle manier van spelen. Hij praat rustig, bescheiden. Zijn handen liggen op tafel. Lange, slanke vingers. Rechts zijn de nagels wat langer.

Af en toe verschijnt er een brede glimlach op zijn gezicht, vooral als hij vertelt over zijn leermeesters, zoals naast Margarita Escarpa, Carlo Marchione, die hem zijn gitaarspel leerde te verfijnen en Enno Voorhorst van wie hij leerde de muziek te respecteren. ‘Natuurlijk mogen wij als muzikanten onze creativiteit de ruimte geven, maar soms passen onze creatieve ideeën niet bij het genre, de stijl van het stuk. Dat moet je dan respecteren.’ Voorhorst heeft hij in Nederland leren kennen, toen hij hier voor het examen van het Spaanse conservatorium een groot concert moest geven.
‘Ik bleef daarna in Nederland, vanwege het hoge niveau hier (hij volgde lessen aan de conservatoria in Den Haag en Maastricht) én omdat hier veel jonge mensen geïnteresseerd zijn in klassieke muziek.’
Dat is inmiddels zijn tweede passie: het overbrengen van zijn kennis, muzikanten te zien groeien. In Rotterdam leidt hij een quintet en een quartet. ‘De uitdaging is dat iedereen er hetzelfde in zit, dat er letterlijk een samenspel ontstaat. Dan is het echt genieten.’ Ook geeft hij les bij Stichting Muziekonderwijs Leiderdorp.

‘De relatie met mijn gitaar is niet altijd perfect, maar hij trekt aan me als een magneet. Wanneer ik gitaar speel, creëer ik ideeën in mijn gedachten die ik zo snel mogelijk wil ontwikkelen, voordat ze vervagen.’
Hij moest wennen in Nederland. ‘De eerste weken waren best moeilijk, ik kwam met een paar truien en mijn gitaar naar een leeg huis en kende niemand hier. Ik had geen idee hoe ik alles moest regelen en waar ik moest zijn.’ Broer André woont inmiddels in Graz, Oostenrijk. ‘Voor mijn ouders was het heel wat, allebei hun zonen in het buitenland, maar zij hebben ons altijd aangemoedigd om onze kennis te verbreden, dus ze stonden er zeker achter. Daarnaast spreken we elkaar bijna dagelijks, door Facebook en Skype is er dan eigenlijk geen afstand.’
Maar toch, als hij hen even mist, of mijmert over zijn leven in Portugal en Spanje, dan speelt hij bijvoorbeeld ‘Chôro da Saudade’ van Agustín Barrios. Saudade is het Portugese woord voor gemis. Luister naar hoe hij zijn gevoelens met zijn gitaar verwoordt: https://www.youtube.com/watch?v=RNi7mY6oMVA